068·Asteraceae·Inheems·15–80 cm

Gewone goudroede

Solidago virgaurea

late bloeihommelsvlindersheide
Gewone goudroede

Wikimedia Commons / CC BY-SA 4.0

Karakter

Gewone goudroede is de gele fakkel van de late zomer — als bijna alles uitgebloeid is, steekt zij omhoog met dichte pluimen van goudgele bloemen. Onmisbaar voor herfstinsecten.

Standplaats

zon
halfschaduw

Bloeiperiode

jan
feb
mrt
apr
mei
jun
jul
aug
sep
okt
nov
dec

Hoogte

15–80 cm

Droogtebestendig

Bodem

zandleem

Levensduur

overblijvend

Biotoop

Droge loofbossen, bosranden, heide­overgangen en kalkgraslanden op arme, droge tot matig vochtige, zure bodems.

Herkomst

Inheems

Oorspronkelijk in Nederland

Veelgestelde vragen

Over Gewone goudroede

Wat is Gewone goudroede?+

Gewone goudroede is de gele fakkel van de late zomer — als bijna alles uitgebloeid is, steekt zij omhoog met dichte pluimen van goudgele bloemen. Onmisbaar voor herfstinsecten.

Waar groeit Gewone goudroede van nature?+

Droge loofbossen, bosranden, heide­overgangen en kalkgraslanden op arme, droge tot matig vochtige, zure bodems.

Waar plant ik Gewone goudroede in mijn tuin?+

Standplaats: zon, halfschaduw. Watervoorkeur: Droogtebestendig. Hoogte: 15–80 cm.

Wanneer bloeit Gewone goudroede?+

Gewone goudroede bloeit in: juli, augustus, september.

Beschrijving

Solidago virgaurea, de gewone goudroede, is een overblijvende vaste plant met opstaande stengels en dichte, eenzijdige trossen van kleine goudgele bloemhoofdjes. Ze varieert sterk in hoogte — in voedselarm heidegebied blijft ze klein (15 cm), in rijkere bosranden kan ze 80 cm bereiken. De pluizige vruchtjes waaien ver weg in de herfstwind.

Ecologische waarde

Gewone goudroede bloeit als vrijwel al het andere is uitgebloeid — ze is daarmee een kritieke nektarbron voor late hommels, bijen, zweefvliegen en vlinders die zich voorbereiden op de winter of overwintering. In de heide en op bosranden is ze onderdeel van een langdurige bloeispreiding die loopt van struikhei tot sleedoorn.

Groeiomstandigheden

Goudroede wil arme, droge tot matig vochtige, bij voorkeur licht zure grond. Op rijke tuingrond wordt ze te groot en verliest ze haar elegantie. Plant in de volle zon of lichte halfschaduw. Eenmaal gevestigd is ze zeer robuust en droogtebestendig.

In jouw tuin

  • Plant in een droge, schrale border of langs een heg op zandgrond.
  • Combineer met struikhei, bosbes en jeneverbes voor een heideborder.
  • Laat stengels staan tot het vroege voorjaar — de zaadpluimen zijn voedsel voor puttertjes.

Bronnen & verder lezen

Laatst bijgewerkt: 3 april 2026.