Herkenning
De gierzwaluw (Apus apus) lijkt op een zwaluw maar is groter en bijna geheel donkerbruin/zwart, met witte keel-vlek. Vleugels lang en sikkelvormig — geheel anders dan de driehoekige zwaluwvleugel. Kan niet rusten op takken — alleen klauwen aan verticale oppervlakten. Geluid: de karakteristieke schelle 'schrieuw-schrieuw' op zomeravonden boven Nederlandse steden.
Ecologische waarde
Een ecologisch wonder. Gierzwaluwen leven 10 maanden onafgebroken in de lucht, slapen vliegend op 2000–3000 m hoogte. Eet alleen vliegende insecten op grote hoogte — een unieke ecologische niche. Beschermd; sinds 1990 sterke afname door verlies van toegang tot dakbouwen (renovaties, gesloten geveltjes).
Leefwijze
Komt eind april–begin mei terug uit Afrika. Eén broedsel per jaar. Eitjes in juni; jongen verlaten nest in juli–augustus en beginnen meteen aan een 10 maanden lange luchtreis. Eitjes en kuikens kunnen 7+ dagen zonder voedsel — uniek aanpassingsvermogen aan slechtweer-perioden.
In de ecotuin
Een gierzwaluw-tuin is een gebouw, niet de tuin zelf. Plaats kunstmatige nestkasten onder dakrand op 4+ m hoogte (hoger is beter) — opening 30×60 mm. Bij gevelrenovatie: laat openingen onder dakpannen open. Een huis aan een laag gebouw kan gierzwaluwen aantrekken als de openingen er zijn.
Tips
- Gierzwaluw-nestkast onder dakrand op 4+ m hoogte
- Bij dakrenovatie: laat openingen onder pannen open
- Geen pesticiden — vliegen-controle in lucht is hun werk
- Behoud bestaande broedlocaties bij verbouwing



