Herkenning
De paardenbijter (Aeshna mixta) is een middelgrote glazenmaker met een hoofdzakelijk bruin achterlijf met opvallende blauwe en gele stippen. Mannetjes hebben twee duidelijke gele driehoekjes vooraan op het achterlijf — uniek onder Nederlandse glazenmakers. Vrouwtjes zijn doffer bruin. De Nederlandse naam ontstond uit een oude bijgelovigheid — paardenbijters zouden paarden bijten — wat onzin is; libellen steken niet.
Ecologische waarde
Een van de meest succesvolle Nederlandse libellen — bezet vrijwel alle waterhabitats. Belangrijke regulator van vliegen-, muggen- en kleinere insectenpopulaties. Vooral het feit dat de paardenbijter tot in november kan vliegen maakt hem een nazomer-jager bij uitstek.
Leefwijze
Larven leven 1–2 jaar onderwater. Volwassen libellen verschijnen vanaf juli en vliegen tot diep in november — een uitzonderlijk lang seizoen. Eieren worden afgezet in plantenresten boven water en overwinteren daar; in voorjaar overstroming wekt ze tot leven. Mannetjes patrouilleren langs vaste oevers; bij stoorbroers vechten ze in lucht-gevechten.
In de ecotuin
Een van de makkelijkste libellen om aan te trekken. Een tuinvijver van 2+ m² met oeverplanten volstaat. Buiten waterhabitats jagen ze in nazomer in tuinen — soms zie je ze 200+ m van het dichtstbijzijnde water. Onmisbare nazomerse jager.
Tips
- Vijver met oeverplanten en ondiepe rand
- Niet alle plantresten in najaar opruimen — eitjes overwinteren erin
- Geen vissen — eet larven
- Behoud een ruige hoek in tuin als jachtterrein



