Beschrijving
Gewone dotterbloem (Caltha palustris) is een overblijvende, polvormende moerasplant uit de ranonkelfamilie. De plant wordt 20 tot 50 centimeter hoog en heeft stevige, holle stengels met glanzend donkergroene, niervormige tot ronde bladeren met een gekartelde rand. Al in maart verschijnen de opvallende, goudgele bloemen met vijf glanzende, wasachtige kroonblad-achtige kelkbladen. De bloemen kunnen tot vier centimeter breed worden en staan in losse bijschermen. Na de bloei ontwikkelen zich stervormig gerangschikte kokervruchtjes.
Alle delen van de plant zijn licht giftig door het bevatten van protoanemonine, een eigenschap die zij deelt met andere ranonkelachtigen.
Ecologische waarde
Als vroege bloeier is de dotterbloem van groot belang voor de eerste bestuivers van het seizoen:
- Bijen en zweefvliegen – de vroege bloei levert kostbare nectar en pollen wanneer er nog weinig andere bronnen beschikbaar zijn. Vooral hommelkoninginnen die net uit hun winterslaap komen, profiteren hiervan.
- Indicatorsoort – de aanwezigheid van dotterbloem duidt op een goede waterkwaliteit en een weinig verstoord, nat milieu. In natuurbeheer geldt zij als indicator voor waardevol dotterbloemhooiland.
- Habitat – de dichte bladpollen bieden schuilplaatsen voor amfibieën en ongewervelden.
Groeiomstandigheden
Gewone dotterbloem vereist een vochtige tot natte standplaats, het liefst in de volle zon of lichte schaduw. De bodem mag gerust kleiig of venig zijn en mag tijdelijk onder water staan. In de zomer kan de plant een iets drogere periode verdragen, maar langdurige droogte is funest. De plant is volledig winterhard.
Gebruik in de ecotuin
Dotterbloem is ideaal voor de vijverrand, een natte greppel, een wadi of de oever van een natuurlijke sloot in de tuin. Zij combineert prachtig met Cardamine pratensis (pinksterbloem), Myosotis scorpioides (moerasvergeet-mij-nietje) en Lychnis flos-cuculi (echte koekoeksbloem). Plant haar in groepjes van drie tot vijf voor een natuurlijk effect.
Tips
- Plant dotterbloem in het najaar of vroege voorjaar direct aan de waterlijn, in maximaal vijf centimeter water.
- Vermeerdering gaat het eenvoudigst door scheuring van de pol na de bloei.
- Maai dotterbloemhooilanden pas na half juni om de plant de kans te geven zaad te zetten.
- Let op: de plant is licht giftig – vermijd consumptie en was de handen na het werken met dotterbloem.




