Herkenning
Het bont zandoogje (Pararge aegeria) is een middelgrote bruine vlinder van de zandogen-familie. De vleugels dragen een patroon van okergele, soms oranjeachtige vlekken en op elke achtervleugel drie kleine zwarte oogvlekken met een witte pupil. Het patroon werkt als verbroken silhouet in een zonbespikkeld bos. Bij een typische rust-houding klapt de vlinder zijn vleugels half open op een blad in de zon.
Ecologische waarde
Bont zandoogje is een echte indicator van bosranden in goede ecologische staat. Waardplanten zijn diverse inheemse grassen — pijpestrootje (Molinia caerulea), ruwe smele (Deschampsia cespitosa), kropaar (Dactylis glomerata) en glanshaver (Arrhenatherum elatius). De vlinder bezoekt zelden bloemen — voor nectar gaat hij vooral op braam en op honingdauw, de zoete uitscheiding van bladluizen op eikenblad.
Leefwijze
In Nederland twee tot drie generaties per jaar (april–september). De rupsen overwinteren in verschillende stadia tussen graspollen. Volwassen vlinders verdedigen kleine zonneplekken in het bos en jagen elkaar in spiraalvluchten weg — een typische gedragsbeeld. De vlinder is opmerkelijk plaatstrouw: een individu blijft vaak weken in dezelfde 100 m² hangen.
In de ecotuin
Voor een succesvolle vestiging heb je de combinatie nodig van loofbomen of een hoge struik én ruige inheemse grassen daaronder. Een gemaaid gazon werkt niet — laat een strook tussen bomen onbemaaid van april tot september. Combineer met braam in de bosrand voor nectar.
Tips
- Laat een grasstrook onder bomen ongemaaid van april tot september
- Plant pijpestrootje of ruwe smele als waardplant — minimaal 5 horsten
- Behoud bramenstruiken in de bosrand voor zomernectar
- Vermijd elke vorm van bestrijding — ook gif tegen "lastige" insecten doodt rupsen



