Herkenning
De bosuil (Strix aluco) is een middelgrote uil van 37–43 cm. Lichaam bruin tot grijsbruin met fijne zwarte streepjes; soms een 'rode' (oranjebruine) variant. Opvallend grote zwarte ogen, ronde kop zonder oorpluimpjes. Geluid: het klassieke nachtelijke 'oe-hoe… oe-hoe-hoe' — bekend van elk Nederlands bos.
Ecologische waarde
Een van Nederland's meest algemene uilen, maar plaatselijk afgenomen door verlies van oude bomen en rattengif-vergiftiging via voedselketen. Beschermd. Een paar bosuilen verschalkt 1500–2000 muizen per jaar — fundamentele plaagcontroleur.
Leefwijze
Vroege broeder — eitjes worden al in februari–maart gelegd in boom-holte. Jongen verlaten nest in mei en kunnen tijdens deze tijd 'tak-pelgrimages' maken — geen vlieg-vermogen maar wel klauterend. Volwassenen blijven jaarrond in territorium.
In de ecotuin
Plaats grote bosuil-nestkast op 4+ m hoogte in oude loofboom. Behoud bestaande oude bomen met holtes. Geen rattengif — secundaire vergiftiging is hoofdoorzaak van bosuil-sterfte.
Tips
- Bosuil-nestkast op 4+ m hoogte in oude loofboom
- Behoud oude bomen met holtes
- Geen rattengif — direct dodelijk via voedselketen
- Niet kappen oude bomen tussen oktober en juli — broedseizoen



