Herkenning
De hazelworm (Anguis fragilis) is geen slang maar een pootloze hagedis. Lichaam glanzend bronsbruin tot grijs, slank, 30–50 cm. Onderscheid van slangen: hazelworm heeft knipperende oogleden, externe oorgaten, en een staart die afbreekt bij gevaar (autotomie) — slangen hebben dit niet. Beweegt traag en maakt vaak 'hupjes' bij oneffen ondergrond.
Ecologische waarde
Een fenomenale slakken- en naaktslakken-eter — één hazelworm verschalkt 200–500 slakken per zomer. Voor de moestuin onmisbaar. Beschermd onder Wet natuurbescherming. Aanwezigheid wijst op een tuin met goede vochtbalans, schuilplaatsen en geen pesticiden.
Leefwijze
Volwassenen ontwaken in maart en bewegen langzaam. Vivipaar — vrouwtjes baren in augustus 6–12 levende jongen. Overwinteren in dieper grond (50+ cm) of in compost van oktober tot maart. Kunnen 30+ jaar oud worden — zeer langlevend onder reptielen.
In de ecotuin
Een composthoop, takkenril of stenenstapel in halfschaduw is ideaal. Hazelwormen verschijnen vaak vanzelf in goed-gevestigde ecotuinen. Niet aanharken in herfst — overwinteraars zitten in compost. Geen slakkengif — daarmee dood je hazelwormen indirect via vergiftigde slakken.
Tips
- Composthoop in halfschaduw is een hazelworm-magneet
- Takkenril of stenenstapel als schuilplaats
- Geen slakkengif — vergiftiging via voedselketen
- Niet de compost in winter omkeren — overwinteraars erin



