Herkenning
De huiszwaluw (Delichon urbicum) is met 13 cm kleiner dan de boerenzwaluw. Bovenkant blauwzwart, buik én stuit zuiver wit — onmiskenbaar in vlucht. Staart kort gevorkt zonder lange pennen. Onderkant van de poten gedeeltelijk bedekt met witte veertjes — uniek onder onze vogels. Geluid: kort tsjirpend.
Ecologische waarde
Een echte stadsbroeder — bouwt komvormige nesten van klei onder overhangende dakranden in kolonies van 5–50 paren. Beschermd; populatie sinds 1990 met 30% afgenomen door verlies van geschikte nestbouw-gevels (gladde glazen gevels werken niet) en gebrek aan klei in stadsgebied.
Leefwijze
Komt in april terug uit Afrika. Twee broedsels per jaar. Bouwt nieuw nest van 1500+ moddermondjes; vrouwtjes en mannetjes werken samen. Vliegt in 's avonds samen met andere zwaluwen op grote hoogte (1000+ m) om muggen te jagen — een ecologische functie die we niet kunnen vervangen.
In de ecotuin
Behoud overhangende dakranden — zwaluwen kunnen niet broeden op kale glazen gevels. Plaats kunstmatige zwaluwnesten (verkrijgbaar bij Vogelbescherming) onder dakrand op zuidwest- of zuidoost-zijde. Modderpoel met klei in tuin is essentieel — vergeet niet.
Tips
- Kunstmatige zwaluwnesten op zuidwest-/zuidoost-dakrand
- Plat plankje onder nest om mest op te vangen
- Modderpoel met klei in tuin (volstaat al een lemen plek)
- Behoud overhangende dakranden — geen gladglas-renovatie



