Herkenning
De winterkoning (Troglodytes troglodytes) is met 9–10 cm Nederland's kleinste algemene vogel. Bolronde bouw, warm bruin met fijne dwarsstrepen, en een onmiskenbare opwippende staart die hij rechtop houdt. Korte rechte snavel. Vliegt laag en snel tussen struiken; klauwt zich tussen takken en rotsen.
Ecologische waarde
Een formidabele spineneter en kleine-insectenjager. Een paar voert tijdens broed dagelijks 500+ kleine prooien. Beschermd; sterk gebonden aan structuurrijke habitats — verdwijnt uit te 'nette' tuinen. Ondanks zijn formaat overheerst zijn zang andere vogels.
Leefwijze
Mannetjes bouwen 5–10 'koks-nesten' van mos, één wordt gekozen door vrouwtje. Twee broedsels per jaar. Eitjes in mei en juli. Overwintert in NL, vaak in groepjes in dichte ruigte. Tijdens strenge winters kunnen tientallen winterkoningen samenkruipen in één holte voor warmte.
In de ecotuin
Bouw een takkenril, behoud dichte ongesnoeide hagen, laat een rommelige overhoek met stenen en takken staan. Winterkoningen verschijnen razend snel — vaak binnen 1 jaar in een nieuwe ecotuin. Plaats geen kat — voornaamste predator.
Tips
- Bouw een takkenril of houtwall in ruige hoek
- Behoud dichte ongesnoeide hagen
- Niet aanharken in herfst — schuilt onder bladstrooisel
- Houd katten weg



