Herkenning
De behangersbij (Megachile centuncularis) is een middelgrote, behaarde solitaire bij. Vrouwtjes hebben een opvallend grijs-zwart gestreept achterlijf met onderaan een dichtbedekte oranje buikborstel — voor stuifmeel. Mannetjes zijn kleiner. Niet altijd makkelijk in vlucht te identificeren, maar haar werk is onmiskenbaar: ronde, halvemaanvormige uitsnijdingen in rozen- of bramenblad.
Ecologische waarde
Goede bestuiver van klaver, kaardebol, knoopkruid en vlinderstruik. De karakteristieke bladknippen zien er beschadigd uit, maar zijn ecologisch onbeduidend voor de plant. Aanwezigheid wijst op gezonde solitaire-bijen-populaties — een belangrijke indicator.
Leefwijze
Solitaire bij die in juni–juli actief is. Vrouwtjes bouwen hun nest in holle stengels, oude kevergangen of insectenhotelgaten. Met haar kaken knipt ze ronde stukken uit zacht blad (rozen, bramen, esdoorn) en rolt die op tot 'cellen' — vandaar 'behangersbij'. Elke cel krijgt stuifmeel en één eitje. Larven overwinteren en sluipen uit in volgend zomer.
In de ecotuin
Plaats een insectenhotel met holtes van 8–10 mm in juni — andere holte-grootte dan rosse metselbij. Plant klaver, knoopkruid en kaardebol als zomer-stuifmeelbron. Behoud rozen of brammen — ja, met geknipte bladeren — als bouwmateriaal-bron.
Tips
- Insectenhotel met gaten van 8–10 mm voor zomergeneratie
- Behoud rozen of brammen — gaten in bladeren zijn niet schadelijk
- Plant klaver, knoopkruid en kaardebol
- Geen pesticiden — solitaire bijen zijn extreem gevoelig



