Herkenning
De pluimvoetbij (Dasypoda hirtipes) is een middelgrote graafbij met onmiskenbare langharige oranje borstels op de achterpoten — als pluimen — die voor stuifmeelvervoer dienen. Het lichaam is zwart-bruin met grijze beharing op het borststuk. Vrouwtjes graven hun ondergrondse nesten in zandige bodems en de oranje pluimen zijn dan vol stuifmeel.
Ecologische waarde
Strikte specialist (oligolectische soort): vrouwtjes verzamelen stuifmeel uitsluitend van composieten — havikskruid, schermhavikskruid, biggenkruid, leeuwentand, paardenbloem. Geen andere planten worden geaccepteerd voor de larven. Een aanwezigheid is direct gekoppeld aan de aanwezigheid van deze plantengroep én zandige bodem.
Leefwijze
Solitair, maar vaak in losse aggregaties op gunstige zandige plekken. Vrouwtjes graven verticale gangen tot 30 cm diep en metselen 5–10 cellen daarin, elk met stuifmeel-nectar-mengsel als provisie. Larven overwinteren ondergronds. Vlucht-piek juli–augustus.
In de ecotuin
Vraagt zandige onbebouwde grond en composieten in volle bloei. In typische tuinen vrij zeldzaam, maar duintuinen en zandige overhoeken trekken hem aan. Combineer met zandblauwtje, biggenkruid en leeuwentand voor een complete schraal-zand-mix.
Tips
- Behoud een zandig onbebouwd hoekje (1–2 m²) zonder grasmat
- Plant havikskruid, biggenkruid en gewone leeuwentand
- Geen kunstmest of overmatige bemesting — schraalheid is essentieel
- Combineer met zandblauwtje voor extra blauwtje-effect



